10 punten herstelnota Utrecht 2021-2026

Centrummanagement Utrecht, Koninklijke Horeca Nederland, INRetail, de Samenwerkende Utrechtse Musea en Utrecht Marketing hebben gezamenlijk een herstelnota gestuurd naar wethouder Klaas Verschuure, de rest van het college en de Utrechtse gemeenteraad.

Nu de samenleving steeds meer opengaat is het goed om vooruit te kijken en te werken aan het economisch herstel in het centrum van Utrecht. Daarom is een tien punten tellende herstelnota opgesteld waarin voorstellen worden gedaan aan het college en de Utrechtse gemeenteraad.

(foto header: Juri Hiensch)

1. Betalingsregelingen voor ondernemers tijdens herstel

Ondernemers hebben de afgelopen periode enorm ingeteerd op hun reserves en in veel gevallen ook op pensioen of reserveringen voor (duurzame) investeringen terwijl de schulden zich opstapelden. Onlangs deed de Telegraaf nog onderzoek hiernaar (19-05-2021). Hieruit bleek dat de totale schuld enkele miljarden bedraagt. De gemiddelde schuld bedraagt €115.000 voor schoenenwinkels en €91.000 voor een kledingwinkel (bron INRetail . Horecaondernemers hebben te kampen met enorme omzetverliezen en rapporteren in 2020 een omzet die gemiddeld 53 procent lager is dan in 2019. Bedrijven tot en met vijf medewerkers hebben in totaal gemiddeld ruim €32.000 euro eigen middelen geïnvesteerd en bedrijven met meer dan 100 medewerkers gemiddeld €900.000 euro. (bron KHN 15-03-2021) Ondernemers hebben zich in schulden gestoken om de zaken overeind en hun medewerkers in dienst te kunnen houden. Maar de rek is er bij veel bedrijven, ook bij sommige ketens, uit. De crisis heeft enorme impact en dit vraagt erom de mogelijkheid te blijven bieden tot uitstel van toeristenbelasting, gemeentelijke belastingen en leges voor die ondernemers die deze extra liquiditeit tijdens (de aanloopperiode van) het herstel nodig hebben. Willen we ervoor zorgen dat ondernemers voldoende liquide middelen blijven houden tijden de herstelperiode dan vraagt dit naast uitstel mogelijk ook deels om afstel (waarbij er dan wel een oplossing moet worden geboden voor ondernemers die wel hebben betaald en bijvoorbeeld hun pensioenvoorziening hebben aangesproken) en anders in ieder geval om betalingsregelingen die ondernemers in staat stellen om over een lange periode (minimaal 5 jaar, liefst langer) de steun die zij de afgelopen periode hebben ontvangen (NOW, TVL, TONK) terug te betalen. Voor zover er schulden lokaal zijn zou de gemeente wat ons betreft het voorbeeld van de landelijke overheid zoveel mogelijk moeten volgen.

2. Voorkomen van ondermijning bij kwetsbare (horeca)ondernemers

Veel ondernemers hebben financiële problemen en zijn afgelopen periode niet in staat geweest om te voldoen aan al hun vaste lasten of om zichzelf loon uit de onderneming te betalen. Ondernemers zijn in veel gevallen te trots om op tijd om hulp te vragen. Het is belangrijk om voldoende in te zetten op schuldhulpverlening voor ondernemers en hen bijvoorbeeld te ondersteunen met laagdrempelig, praktisch (financieel) advies (bijvoorbeeld via een financiële voucher regeling), hen te wijzen op de mogelijkheden via: “De eerste stap helpt je verder”. Inzet op financiële en mentale ondersteuning van ondernemers werkt preventief en voorkomt ondermijning. De crisis laat z’n sporen nu al stevig terugzien in de toenemende leegstand van (winkel)panden in de binnenstad. Het is belangrijk om er met elkaar voor te zorgen dat deze ruimten niet worden ingevuld met malafide bedrijven. Communicatie over de mogelijkheden voor ondersteuning en de wijze waarop we hierin samenwerken kan verlopen via het communicatieplatform CMU Community (waarop alle retail, horeca en cultuurbedrijven in het centrum zijn aangesloten) en de nieuwsbrieven van CMU, INRetail en KHN.

3. Slim gebruik van de openbare ruimte: dynamisch programmeren

Als er iets is dat Corona ons heeft geleerd, is het dat we slimmer om moeten gaan met de beschikbare openbare ruimte. Dat vraagt in de toekomst van ons dat we nadenken over flexibele programmering waarbij ruimte op sommige momenten een andere functie heeft dan op andere momenten (bijvoorbeeld ’s ochtends een laad en los plek, ’s middags een pop-up fietsenstalling, groenvoorziening, terras of meer ruimte voor de voetganger). Het is wat ons betreft fijn dat er op dit moment ruimte is gegeven aan de verruiming van terrassen en dat er op enkele plekken ook satelliet terrassen worden toegestaan. Wij zoeken graag samen met de gemeente naar geschikte plekken om die verruiming ook in het najaar weer mogelijk te maken en uiteindelijk een permanent karakter te geven. Dat vraagt op sommige plekken waarschijnlijk ook om het mogelijk maken van terrasoverkapping in de vorm van schaduwdoeken e.d. Dynamisch programmeren betekent voor ons ook dat je inspeelt op het ‘in- en uitademen’ van de stad, dat je wat strenger bent in de openbare ruimte op momenten met veel bezoekers en onder voorwaarden ruimte biedt aan ondernemerschap op momenten dat het aantal bezoekers dit toelaat. Daarnaast kijken we graag samen naar andere plekken waar door dynamisch te programmeren van de openbare ruimte meer ruimte ontstaat of juist de beleving van de openbare ruimte wordt verbeterd.

4. Aanpak leegstaande horeca- en winkelpanden

De leegstand in het centrum neemt toe. Begin 2020 waren dit nog 28 panden en dit zijn inmiddels 48 panden. Binnen de aanpak van leegstand: Morgen Mooier Maken trekken de gemeente Utrecht, Centrummanagement Utrecht en vastgoedeigenaren samen op en werken aan tijdelijke invulling van leegstaande panden, programmering in panden en in de openbare ruimte, (tijdelijke) transformatie naar andere functies die passen bij het (centrum)gebied, vergroening en maken inzichtelijk welke type functies per straat/gebied er per gebied zijn en welke toegevoegd kunnen worden ter versterking. Stimuleringsregelingen t.a.v. wonen boven winkels in gebieden waar dit relevant is toegankelijk maken voor kleinere oppervlaktes, het onder voorwaarden toestaan van een doorbraak tussen panden zijn hierbij belangrijke aandachtspunten. Daarnaast helpt het ook om vergunningstrajecten waar mogelijk te versoepelen en te versnellen en (meer) ruimte te bieden aan ondernemerschap binnen brancheringsplannen om vernieuwende concepten die een aanvulling zijn op het aanbod in een gebied en de identiteit van het gebied versterken meer kansen te bieden.

5. Herstel bezoekerseconomie (retail, horeca én cultuur)

Gemeente Utrecht, Centrummanagement Utrecht, Utrecht Marketing (UM), INRetail, KHN en Samenwerkende Utrechtse Musea (SUM) werken samen aan herstelcampagnes (focus: stad en regio, vervolgens nationaal, dan internationaal) die erop wijzen dat veilig, verantwoord en gastvrij bezoek aan het centrum mogelijk is. We willen werken aan duurzaam herstel door ons te richten op een aantal specifieke doelgroepen (zoals benoemd in het meerjarenplan van UM en mede op basis van de persona’s die samen met andere partners uit de stad door UM zijn ontwikkeld). Deze campagnes worden ondersteund door flexibele programmering van acties evenementen (eerst kleinschalig mobiel, langzaam opbouwen). Hierbij zullen we, om krachten te bundelen, bestaande evenementen en acties daar waar mogelijk onderdeel moeten maken van dit herstel, moeten verleiden om (ook) te programmeren in het centrum. We zetten hierbij nadrukkelijk in op de kracht van combinatiebezoek van retail, horeca en cultuur. Het resultaat van de campagnes houden we in de gaten aan de hand van een in te richten bezoekersdashboard. Op basis van de KPI’s uit dit dashboard en de dan geldende COVID maatregelen sturen we bij (intensiveren of afzwakken). In communicatie benadrukken we wat wél kan. We spreken hierbij niet over drukte, maar benoemen juist de plekken waar ruimte is voor veilig, verantwoord en gastvrij bezoek.

6. Duurzaamheid

Het zou het herstel enorm helpen als we met elkaar investeringen in duurzaamheid stimuleren en waar mogelijk naar voren halen. Bij veel ondernemers zijn de reserves die zij hadden, in sommige gevallen ook reserves om te investeren in duurzaamheid (verduurzamen van hun pand, duurzame distributie etc.) geslonken zoals we al hebben genoemd bij punt 1. Willen we met elkaar deze investeringen op gang brengen dan is het zaak om de financiële middelen die er zijn voor ondersteuning, daar waar mogelijk ook om te buigen en in te zetten om deze investeringen te stimuleren door bijvoorbeeld cofinanciering, aantrekkelijke leningen en soepele vergunningstrajecten. Binnen de gemeente Utrecht is een ambitie ook om te werken aan zero emissie stadsdistributie (ZES). In het algemeen is er wel veel draagvlak bij ondernemers om hieraan mee te werken, maar het stokt vaak bij (financiële) draagkracht bij ondernemers om initiatieven op dit gebied op te starten en de tijd te krijgen om dit toekomstbestendig in te richten. Een concreet voorbeeld hiervan voor de korte termijn zou bijvoorbeeld ook een subsidie op of stimuleringsregeling voor duurzame terrasverwarming of de duurzame bouw van appartementen boven winkels kunnen zijn.

7. Digitalisering en innovatie

Via programma’s zoals Nu Digitaal zorgen dat we ondernemers in het centrum digitaal sterker maken zodat hun fysieke ondernemingen beter presteren. Gek genoeg zijn er nog maar weinig innovatiesubsidies beschikbaar voor retail- en horeca ondernemers. De meeste van de huidige regelingen richten zich uitsluitend op de maak-industrie. Daarom is het wat ons betreft ook belangrijk om gezamenlijk te (blijven) investeren in de digitalisering en innovatie van deze groep ondernemers en middels (financiële) stimulering van innovatie ook het herstel/de transitie van deze sectoren te bespoedigen. Daar waar mogelijk zou het fijn zijn als de beschikbare financiële middelen, bijvoorbeeld via een voucherregeling ook door ondernemers ingezet kunnen worden om hun online zichtbaarheid en effectiviteit verder te vergroten of hen te stimuleren tot het vernieuwen, uitbreiden of door ontwikkelen van hun businessmodellen zodat zij in hun fysieke onderneming ook beter presteren.

8. Ondersteuning en ontwikkeling ondernemers: behoud van ondernemerschap in het centrum

Naast de aandacht voor leegstand willen we nadrukkelijk aandacht besteden aan het behoud van de ondernemers die er nu nog zitten. Dit willen we doen door ze te inspireren, van elkaar te laten leren en te zorgen dat ze elkaar via communicatie ook makkelijk weten te vinden voor onderlinge hulpvragen; o.a. door het versterken en uitbouwen van CMU Community (samen met gemeente Utrecht en onderwijsinstellingen kijken we graag naar de mogelijkheden voor een programma dat bestaat uit e-learning, workshops en inspiratie sessies). Een van de uitgangspunten is hierbij om typisch Utrechtse ondernemers met een gezond businessmodel te behouden. Dat zijn er op dit moment nog (slechts) 242 van de ca 740. Overige ondernemers hebben of elders nog een vestiging of behoren tot een filiaalbedrijf. We willen, wegens het unieke karakter van deze ondernemers en de wijze waarop zij bijdragen aan sfeer en uitstraling van het centrum, er middels het bieden van inspiratie, training en intervisie voor zorgen dat we deze verhouding minimaal op 1 : 3 weten te houden en waar mogelijk het aandeel van deze ondernemers vergroten.

9. Proactieve regie aan de hand van data en onderzoek

Samen met gemeente Utrecht bouwen we een datadashboard voor het centrum van Utrecht dat belangrijke KPI’s zoals bezoekersaantallen, verblijfsduur, herkomst, vervoerskeuze en combinatiebezoek in kaart brengt tijdens de herstel of transitieperiode. Het dashboard moet ook de mogelijkheid bieden om bestaande data zoals parkeergegevens, hotelovernachtingen, museumbezoek e.d. weer te geven. We werken er met elkaar aan om naast bezoekersgegevens ook omzetgegevens van retail, horeca en cultuur op indexbasis te rapporteren. Op die manier kunnen we met elkaar proactief regie voeren op de maatregelen, acties en projecten die we met elkaar uitvoeren en inspelen op de op dat moment geldende COVID maatregelen.

10. Bereikbaarheid

In de RSU wordt gesproken over hyper bereikbaarheid. Het is belangrijk dat we tijdens de herstelperiode inzetten op alle verkeersmodaliteiten. Hierbij vragen we extra aandacht voor bestemmingsverkeer richting het centrum (een robuuste verbinding voor autoverkeer: ten alle tijden binnen 10 min vanaf de ring in één van de centrumparkeervoorzieningen, deze stroom is ca. 10% van de totale hoeveelheid maar goed voor zeker 25% van de omzet die wordt gemaakt in het centrum), een kwaliteitsslag/verleidingsstrategie bij het parkeren op afstand (vanaf een P+R dus ook binnen 10 minuten in het centrum), vervolgens vanaf een bronpunt binnen 5 minuten te voet op je bestemming en tot slot voldoende aandacht en mogelijkheden voor de distributie van de goederen en materialen die nodig zijn voor alle economische activiteiten in het centrum (onderhoud, verbouwing en transformatie van vastgoed, verhuizingen van ondernemers, distributie van goederen en producten die bijdragen aan de ca. 1,5 miljard aan omzet jaarlijks in het centrum). In termen van bereikbaarheid ligt in communicatie geen nadruk op wat er niet mogelijk is maar we benoemen continu hoe je er wél kunt komen en welke gebieden wél toegankelijk zijn.